Nieuw Land Erfgoedcentrum

Caterpillar

Rupstrekker

De IJsselmeerpolders zorgden in de 20e eeuw voor een toename van de hoeveelheid in cultuur gebracht grond met zo'n zo’n 165.000 hectare. De drooggevallen poldergronden werden door de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP) cultuurrijp gemaakt, voordat deze aan de boeren uitgegeven kon worden. De RIJP had daartoe een heel scala aan ontginnings- en landbouwmachines ter beschikking, waaronder rupstrekkers.

De oppervlakte landbouwgrond nam in de 19e en 20e twintigste eeuw sterk toe, onder andere door aanleg van de IJsselmeerpolders, waarmee zo’n 165.000 hectare vruchtbare grond aan het water werd ‘onttrokken’. Aanvankelijk hadden al deze polders een agrarische bestemming, maar in de loop van de tijd verminderde dat en werd ook grond bestemd voor stedenbouw en natuur.

Voordat de poldergronden aan particuliere agrariërs kon worden uitgegeven, werden ze in vijf tot zeven jaar cultuurrijp gemaakt, dat wil zeggen geschikt voor ‘normale’ landbouwkundige exploitatie. Waterbeheersing, bodemkundige bewerkingen en een uitgekiend plan voor de gewassen moesten ervoor zorgen dat moddervlakten goed bewerkbare en vruchtbare percelen werden. Dat werk werd uitgevoerd door de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders (RIJP), waarbij alles gericht werd op het realiseren van moderne, grootschalige en rationele boerenbedrijven met een hoge productiviteit. Dat is aan in opzet van de polders nog goed terug te zien.

Reeds bij het cultuurrijp maken van de eerste IJsselmeerpolder in de jaren 1930, de Wieringermeer, werden rupstrekkers ingezet. Door de brede rupsen zijn deze machines uitermate schikt om op slappe, nog niet goed ontwaterde gronden te werken. Toen wieltrekkers (gewone tractoren) steeds beter en meer multifunctioneel werden begonnen ze de rupstrekkers geleidelijk te verdringen, een proces dat medio jaren 1980 was voltooid.
De getoonde Caterpillar D 4 C hoort thuis in een reeks dieseltrekkers die de in 1925 opgerichte Amerikaanse firma Caterpillar Inc. in de periode 1936-1993 heeft gebouwd. Dat de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders voor rupstrekkers van Caterpillar koos, heeft alles te maken met de goede reputatie van deze firma en de vlotte leverantie van onderdelen. Uiteindelijk zijn een groot aantal Caterpillars van uiteenlopende typen tot in de jaren 1980 bij de ontginning van de IJsselmeerpolders betrokken geweest.

Ontwikkeling:

Verdere landbouwmechanisering

Argumentatie:

In de collectie van Nieuw Land Erfgoedcentrum bevinden zich een aantal ontginnings- en landbouwmachines, die daadwerkelijk zijn ingezet in de IJsselmeerpolders en representatief zijn voor het cultuurrijp maken daarvan. Ze zijn afkomstig van de rechtsopvolger van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders en werden in de jaren 1990 door Nieuw Land verworven.

Argumentatie object:

De getoonde Caterpillar D 4 C rupstrekker maakt onderdeel uit van een educatieve museale presentatie in Nieuw Land.

Locatie:

Nieuw Land Erfgoedcentrum te Lelystad

Links: