Nederlands Openluchtmuseum

Locomobiel ‘Ten Horn’

Stoomlocomobiel

Eind 19e eeuw begonnen verschillende machinefabrieken in ons land, waaronder de firma Ten Horn in Veendam, stoomlocomobielen te bouwen. Ze werden onder andere gebruikt in de landbouw om dorsmachines en balenpersen aan te drijven en speelden een belangrijke rol in de vroege periode van mechanisatie in de Nederlandse landbouw op grootschalige, kapitaalkrachtige boerenbedrijven.

Gedurende de laatste anderhalve eeuw onderging de agrarische sector een proces van toenemende schaalvergroting, rationalisatie en mechanisering. Dat begon in de 19e eeuw bij kapitaalkrachtige agrariërs met grootschalige bedrijven, waar de toen hoge kosten van investeringen in machines rendabel te maken waren, zoals in het noorden en oosten van Groningen en op de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden.

Stoomlocomobielen behoorden tot die vroege machines. Deze op wielen geplaatste en dus verplaatsbare stoommachines waren nuttige instrumenten bij het aandrijven van allerhande landbouwwerktuigen, zoals dorsmachines of balenpersen. Daartoe liep een riem over het grote vliegwiel. De bloeiperiode van de stoomlocomobiel lag tussen 1880 en 1920; daarna werd de voorkeur gegeven aan de verbrandingsmotor, die een efficiëntere plaatsvervanger bleek te zijn.

In de Groningse Veenkoloniën vond in de 19e eeuw een ware revolutie plaats, waarbij op de afgegraven veengrond grootschalige landbouwbedrijven ontstonden, scheepsbouw en industrie zich ontwikkelden en fabrieken gebouwd werden om het bedrijfsleven van machines en werktuigen te voorzien. Eén van die fabrieken was de ‘Gebroeders Boezeman’ te Veendam, die vermoedelijk het ontwerp van de getoonde machine leverde. In 1884 werd het bedrijf overgenomen door Jacob ten Horn, die het onder eigen naam voortzette en in 1895 deze locomobiel leverde onder fabrieksnummer 35. De locomobiel heeft op verschillende locaties dienst gedaan, onder andere bij een verhuurbedrijf en bij een vervener in Drenthe.

In 1930 vond de laatste keuring plaats. Daarna werd de locomobiel verkocht aan het ‘Henry Ford Museum and Greenfield Village’ in Dearborn (Verenigde Staten), in 1929 opgericht door Henry Ford ter meerdere eer en glorie van de industriële revolutie. In 1980 werd de machine verworven door het Nederlands Openlucht Museum, om de vroege periode van de mechanisatie in de Nederlandse landbouw te kunnen tonen. Nadat in de boerderij waar de locomobiel was opgesteld brand was uitgebroken, is de machine in de jaren 2000 – 2002 gerestaureerd door de Vereniging tot Behoud van Stoomwerktuigen te Nijkerk.

Ontwikkeling:

Land- en tuinbouw

Argumentatie:

De locomobiel representeert een belangrijke ontwikkeling in de sociaal-economische geschiedenis van ons land, waarbij de 'industriële revolutie' zich door middel van deze mobiele stoommachines op kleinschaliger wijze ook buiten de fabrieken kon uitbreiden, bijvoorbeeld op het platteland. Een Nederlands exemplaar van zo'n locomobiel, gebouwd door een Nederlandse machinefabriek, is zeldzaam.

Locatie:

Nederlands Openluchtmuseum te Arnhem

Links: