Volkswagen Kever 1300

Middenklasse auto

De goedkope, betrouwbare en bijna onverwoestbare Volkswagen Kever werd na de Tweede Wereldoorlog al snel de populairste kleine gezinsauto van ons land. Als het meest verkochte model van Nederland groeide de Kever bij uitstek uit tot dé auto uit de periode van de massamotorisering.

Op de eerste naoorlogse RAI-tentoonstelling stond één West-Duitse auto, de Kever. Al snel zou het de populairste auto van ons land worden. Die populariteit dankte de Kever aan de lage prijs, de eenvoud, de betrouwbaarheid en onverwoestbaarheid en (dus) een hoge inruilprijs. Ook importeur Pon speelde een belangrijk rol; hij zorgde er al in 1947 voor dat Nederland het eerste exportland voor de Volkswagen Kever werd. Hij was verder creatief in het trekken van aandacht voor de Volkswagen. In 1958 liet men aan een hijskraan een Kever hoog boven de Amsterdamse huizen zweven, wat werd vastgelegd voor het klantenblad ‘voor hen die Vooruit Willen’. Chauffeurs die de 100.000 kilometer passeerden kregen een plaquette en een gouden dasspeld.

Verder bleef de Kever volgens de kenners vooral een klasseloze auto en een gewoon ‘werkpaard’. Hij bleef het altijd doen en als hij er mee stopte, dan was er een efficiënte en voordelige garage in de buurt die hem goedkoop kon repareren. Er kwam al snel een groot en uitgekiende dealer- en garagenetwerk tot stand. Omdat de Kever decennialang technisch vrijwel ongewijzigd in productie bleef, waren de onderdelen vele jaargangen lang uitwisselbaar.

De topverkopen voor de Kever lagen in de jaren 1960, terwijl tussen 1954 en 1969 in één aaneengesloten periode Volkswagen de meest verkochte auto van Nederland was.

Ontwikkeling:

Particuliere massamotorisering

Argumentatie:

De Volkswagen Kever representeert de goedkope gezinsauto’s van Europese makelij, die de massamotorisering van de jaren 1960 mogelijk maakten en doet dat bij uitstek, omdat Volkswagen tot 1969 de meest verkochte auto van Nederland was.

Argumentatie object:

De getoonde Volkswagen Kever is, zo bleek uit onderzoek, als een wit, tweedeursmodel met een viercilindermotor tussen de 0,5 en 1,5 L de ‘ideaaltypische' drager van de massamotorisering. Met bouwjaar 1968 markeert deze specifieke auto tegelijk het einde van de jarenlange nummer-1 plaats van Volkswagen op de ranglijst van meest verkochte auto's.